 |
 |
|
10. Naam: Everzwijn, Wild Zwijn
11. Latijnse naam: Sus scrofa
populaire naam: ever
|
|
|
20. Milieu:
21. Levensgemeenschap: bos, heide
22. Vindplaats: Europa, Azië |
|
|
30. Soort:
31. Dieren: zoogdieren
32. Familie: varkens |
|
|
40. Lichaamsbouw:
41. Vorm: - niet gestroomlijnd
- romp zijdelings samengedrukt
- lange snuit met wroetschijf
- korte stevige poten
- kleine wilde ogen
- mannetjes: grote gebogen hoektanden
- grote wigvormige kop
42. Huidbedekking: haren
43. Kleur: schutkleur
44. Delen kop: muil
romp: - zintuigen: kan niet zo goed zien
- lichaamstemperatuur: standvastig
ledematen: poten (staart)
voortbeweging: lopen |
|
|
50. Leefwijze:
51. Standdier
53. Nachtdier
54. Soms in groep of soms alleen |
|
|
60. Voedselketen:
62. Voedselsoort: alleseter of omnivoor
63. -Menu: knollen, wortels van planten, gras, jonge blaadjes,
paddestoelen, eikels, kastanjes, beukennoten,
bosvruchten, insecten, regenwormen, slakken,
muizen, jonge konijnen, reptielen, dode dieren (kadavers)
- Vijanden: natuurlijke: beren, wolven, lynxen, oehoe's
grootste: de mens |
|
|
70. Voortplanting:
71. Paartijd: najaar-winter
72. Jongen: levendbarend
73. Nest: - naam: leger
- waar: in de grond
- vorm: ondiepe kuil, bedekt met gras, mos en zachte
delen van planten. boven de kuil hangt
vaak een dak van takken |
|
|
80. Bijzonderheden:
81. Leeft samen met: andere evers
Verdedigt zich door/met: tanden
82. Geluid: knorren, grommen
83. Schadelijk voor: akkers (landbouw)
Nuttig voor: vlees, voedsel
84. Beschermd: in Nederland, gedeeltelijk België
85. Varia: mannetje = keiler/beer
vrouwtje = zeug/bagge
jongen = frislingen |
|
|
|
Samengesteld en opgemaakt door:
6A: Birger 6B: Heleen
|
| |
|  | |